Onderzoek
Na jaren van groei: jongeren identificeren zich steeds minder als trans of queer
Onderzoek van hoogleraar Eric Kaufmann (University of Buckingham) laat zien dat transgender- en queer-identificatie onder Amerikaanse studenten sinds 2023 bijna is gehalveerd. Terwijl het alfabet van het acroniem bleef groeien, kromp het aantal jongeren dat zich er daadwerkelijk onder schaart.

Toen non-binaire en transgender-identiteit onder jonge Amerikanen vanaf het midden van de jaren 2010 snel in opkomst waren, werd dat in het publieke debat doorgaans geduid als een blijvende, structurele verschuiving: de volgende generatie zou zich simpelweg anders verhouden tot sekse en identiteit dan de vorige. Nieuw onderzoek van politicoloog Eric Kaufmann, hoogleraar aan de University of Buckingham en verbonden aan het Centre for Heterodox Social Science, zet daar een stevige vraagteken bij. Zijn analyse van enquêtedata onder tienduizenden Amerikaanse studenten laat zien dat het aandeel dat zich identificeert als transgender of queer sinds 2023 scherp daalt — niet een beetje, maar in sommige metingen bijna gehalveerd in twee jaar tijd.
Wat het onderzoek laat zien
Kaufmann baseert zich vooral op jaarlijkse enquêtes van de Foundation for Individual Rights and Expression (FIRE), afgenomen onder 55.000 tot ruim 60.000 Amerikaanse studenten per jaar. Het aandeel studenten dat zich identificeert met een ander geslacht dan man of vrouw piekte in 2022 en 2023 op 6,8 procent en daalde vervolgens naar 5,2 procent in 2024 en 3,6 procent in 2025. Op instellingsniveau zijn de verschuivingen nog scherper: aan Phillips Academy daalde het aandeel non-binaire leerlingen van 9,2 procent in 2023 naar 3 procent in 2025, en aan Brown University zakte het aandeel non-binaire studenten van 5 procent in 2022-2023 naar 2,6 procent in 2025. Ook het aandeel studenten dat zichzelf niet als heteroseksueel omschrijft, daalde met ongeveer tien procentpunt.
Opvallend is vooral de omkering binnen de studentenpopulatie zelf. Toen de trend nog groeide, waren eerstejaars stelselmatig vaker non-conform dan ouderejaars — de jongste lichting liep voorop. Inmiddels is dat patroon omgedraaid: de huidige eerstejaars identificeren zich juist minder vaak als trans of queer dan de ouderejaars die een paar jaar eerder instroomden. Dat wijst niet op een blijvende generatiewissel, maar op iets dat op- en weer afkomt.
Een mode, geen vaststaand feit
Kaufmann onderzocht verschillende verklaringen voor de daling: verbeterde geestelijke gezondheid, veranderend social-mediagebruik, verschuivingen in politieke voorkeur en afnemende religiositeit. Geen van die factoren verklaart de omvang van de trend overtuigend, concludeert hij — ook onder studenten die nog altijd even links of areligieus zijn, daalt de identificatie als trans of queer. Zijn conclusie is daarom voorzichtig maar scherp: gender- en seksuele identiteit functioneerden de afgelopen tien jaar als een culturele mode die onafhankelijk van andere politieke en sociale stromingen op- en neerging, niet als een vaststaand demografisch gegeven.
Dat is een andere claim dan "er zijn minder trans mensen". Het onderzoek meet zelfrapportage in enquêtes onder studenten, niet het aantal mensen met genderdysforie of een medische diagnose. Wat Kaufmann wél laat zien, is dat het label zelf — hoe makkelijk jongeren het op zichzelf plakken — sterk beweegt met de tijdgeest. Daarmee ondermijnt het onderzoek een aanname die achter veel beleid zit: dat de groeiende aantallen van de afgelopen jaren een stabiele, blijvende populatie vertegenwoordigden waar voorzieningen permanent op ingericht moesten worden.
Het alfabet groeide, de werkelijkheid niet mee
De daling staat in schril contrast met de weg die het acroniem zelf aflegde. Terwijl steeds meer letters werden toegevoegd om steeds meer identiteiten te erkennen — tot combinaties die zelfs voor toegewijde voorstanders nauwelijks meer te ontcijferen zijn, werd diezelfde taal ook stevig verankerd in onderwijsinstellingen. Hoe diep dat ging, bleek toen de University of Houston een kwart van haar kernprogramma moest schrappen om een inleidende cursus LGBT-studies uit het verplichte curriculum te krijgen. Instituties, taalgidsen en beleid groeiden door op het hoogtepunt van de trend — en blijven nu overeind terwijl de cijfers waarop ze stoelden, alweer zijn gezakt.
Dat roept een ongemakkelijke vraag op voor beleidsmakers en onderwijsinstellingen: hoeveel van de afgelopen jaren opgetuigde voorzieningen, protocollen en taalregels waren een antwoord op een blijvende demografische realiteit, en hoeveel waren een reactie op een piek die inmiddels alweer aan het zakken is?
Voorzichtigheid blijft op zijn plaats
Ook Kaufmanns critici erkennen de cijfers, maar waarschuwen tegen te snelle conclusies: enquêtedata onder studenten aan een select aantal instellingen is niet automatisch representatief voor alle jongeren, en zelfrapportage is gevoelig voor hoe een vraag wordt gesteld. Dat neemt niet weg dat de omvang en de consistentie van de daling — over meerdere onafhankelijke datasets heen — een feitelijk gegeven is dat niet past bij het beeld van een onomkeerbare, groeiende groep waar het beleid van de afgelopen jaren van uitging.
Bronnen
Eric Kaufmann, "The Decline of Trans and Queer Identity among Young Americans", Centre for Heterodox Social Science, University of Buckingham, oktober 2025 — besproken door Louise Perry, "Why are fewer young people identifying as trans?", UnHerd, 15 oktober 2025: unherd.com
Genspect, "Is Trans Identification Declining? And A Training Announcement", oktober 2025: genspect.org

Saskia Weijermars